Bijna elke dag kom ik op de begraafplaats. Daar even zijn geeft me een beetje rust. Nadat Laura overleed staat mijn wereld nog steeds op zijn kop. De gang naar de begraafplaats geeft een heel klein beetje structuur in mijn leven.
Het is de letterlijke rust die me helpt. Tussen de bomen door lopen en de wind voelen. Luisteren naar de vogels, de koolmeesjes en de pechten of andere vogels. Het zijn inmiddels vertrouwde geluiden geworden.
En vooral stilstaan bij Laura en aan haar denken, heel veel denken. Huilen bij het graf, of herinneringen ophalen. Het kan daar allemaal, in alle rust en stilte. Op de plek waar ik haar lichaam achterliet.
Ook het verzorgen van het graf van Laura is iets wat me helpt. Hoewel ik veel liever voor haar zelf zou zorgen, maar dit is nog één van de weinige dingen die ik voor voor haar kan doen.
In het late najaar plantte ik tulpenbollen, maar ook andere bolletjes. Toen wist ik niet zo goed welke bloemen er uit zouden komen omdat ik de bolletjes niet kende. Maar naarmate de plantjes gingen groeien bleek er iets prachtigs te ontstaan.
Er groeiden lange stelen, met daarop paarse bolletjes. Hoewel dun en lang, blijken ze bestand tegen de wind en blijven ze mooi rechtop staan ze knakken niet. Samen met de andere bloemen die ik er bij plantte vormt het een mooi geheel. Paarse bolletjes zwieren boven de foto van mijn meisje.
Het is een mooi gezicht in al het verdrietige dat er is.
Wanneer de wind zachtjes begint te waaien lijken de dunne stelen één te worden met de haren van Laura op de foto. Het lijkt soms bijna of ik ze mee zie bewegen.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten