Het rouwen om Laura neemt nog steeds een prominente plek in, in mijn dagelijks bestaan. Zoals ik al eerder schreef, ik vul er met gemak mijn dagen mee.
Het verliezen van haar zet mijn hele wereld echt op zijn kop.
Ik denk er de hele dag aan. Alles staat in het licht van dat zij er niet meer is.
Ik denk er de hele dag aan. Alles staat in het licht van dat zij er niet meer is.
De laatste weken besef ik dat het verdriet en de rouw in deze hevigheid voorlopig nog niet weg zijn. Wat ik ook doe, de rouw blijft en de pijn die daarmee gepaard gaat is er.
Het is nog een lange weg die ik af moet leggen over het pad van rouw.
Het is nog een lange weg die ik af moet leggen over het pad van rouw.
Betekent dat dat ik al die tijd geen andere dingen kan doen dan alleen maar rouwen?
In de afgelopen maanden heb ik regelmatig contact gehad met mijn werk. Af en toe bezocht ik de locatie en maakte ik een praatje. En ik had evaluatie gesprekken met mijn leidinggevenden over hoe het met me gaat.
Daarnaast bezocht ik regelmatig de Arbo -arts en werd er van alle kanten bekeken of en hoe ik zou kunnen terug keren naar het werk. Er werden voorzichtig plannen gemaakt, waarbij heel veel rekening werd en wordt gehouden met wat ik zou kunnen en willen.
Twee weken geleden ben ik weer begonnen met de eerste uren werken. Het was fijn om er te zijn en ik ben warm verwelkomd door bewoners en collega's. Dat heeft me goed gedaan. Langzaam aan ga ik het aantal uren uitbreiden, van twee, naar drie en de komende week 4 uren in de week. Het is nog niet veel maar stapje voor stapje wordt het hopelijk steeds meer.
Als ik daar ben lukt het redelijk om mijn aandacht er bij te houden. Door de bewoners word ik vanzelf meegenomen in hun enthousiasme en door wie ze zijn. Daarbij heb ik lieve collega's die veel begrip hebben en me ruimte geven om het op mijn eigen tempo op te pakken.
Maar natuurlijk is Laura ook daar altijd in mijn gedachten.
Het venijn van het weer terug keren naar werken zit hem in het thuis komen. Die paar uurtjes ben ik even in een heel andere wereld geweest dan de wereld van rouw en het bezig zijn met Laura.
Waar was zij in die tijd? Hoe kan het dat ik zomaar ook met andere dingen ben bezig geweest?
Het voelt alsof ik haar in die uren los moest laten en dat is wat ik echt niet wil.
Het is als afscheid van haar en dat doet gemeen pijn.
Het voelt alsof ik weer over ga tot de orde van de dag nu ze er niet meer is. Het klaagt me aan en dat maakt me onrustig en verdrietig.
De komende tijd wordt het vooral de uitdaging om te leren schakelen tussen de wereld van het werken en de wereld van de rouw om Laura.
Om te accepteren dat het leven echt verder gaat, ook nu zij er niet meer is. En dat terwijl mijn eigen wereld eigenlijk nog steeds stil staat en ik haar zo mis.
Ik moet gaan leren en ervaren dat ik zelf ook weer deel moet en mag gaan nemen aan de gewone wereld.
Het is een strijd tussen het willen rouwen en het verder gaan met mijn leven. Ik wil het allebei, maar het lijkt alsof het niet tegelijk kan.
Het hoort allemaal bij het rouwproces wat ik doorloop. Wil ik verder komen, dan moet ik stappen blijven zetten. Het voelt als afscheid van Laura, iets wat ik niet wil.
Maar verder komen wil ik wel. Daarom ga ik, al is het alleen maar om het te proberen.
Als ik terug rijd vanuit het werk kom ik bijna langs de begraafplaats. Het voelt zo verdrietig dat het leven door moet gaan zonder dat Laura er nog bij is.
Ik kan niet anders dan daar heen rijden om naar het graf van Laura te gaan. Dat is wat ik doe. Ik loop onder de bomen en luister naar de vogels. Ik huil. Want het leven gaat door. En Laura is er niet meer bij.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten